Het Ghanese oogstjaar
Op 28 augustus 2009, bijna exact twee maanden na de afronding van het ontwerpatelier, vond de uitreiking van de Iktinosprijs plaats. Deze stimuleringsprijs wordt jaarlijks toegekend aan de student(en) van de RAvB met het beste atelierwerk van het voorafgaande studiejaar. De jury van de Iktinosprijs 2009 bestond uit Martin Aarts, Juliette Bekkering, Jan Jongert, Chris van Langen en Karen van Vliet. Zij bekroonden John de Groot, Henk Jan Imhoff en Jens Jorritsma voor hun project ‘The Royal Trees’, onderdeel van het ‘Working On Cities’-project.
Eén maand na deze prijsuitreiking opende ‘Parallel Cases // IABR@RDM’ haar deuren. De RAvB en het IHS hadden ‘Working On Cities’ gezamenlijk ingezonden voor deze satelliettentoonstelling van de 4de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam. Aan de tentoonstelling was een prijs verbonden. De jury bestond uit Floris Alkemade, Emiliano Gandolfi, Dieter Läpple, Lars Lerup en Liesbeth van der Pol. Zij verkozen het project tot één van de drie winnaars van de ‘Parallel Cases Biennale Award’.
Daarmee was de brede erkenning van het atelier nog niet voorbij. Nog eens 7 maanden later, op 22 april 2010, kreeg ‘The Royal Trees’ een eervolle vermelding bij de internationale studentenprijs ‘Blue Award’. Daarnaast werd het project ook nog zeer positief becommentarieerd naar aanleiding van tentoonstellingen in Den Haag en Parijs en een presentatie op een congres in Pretoria. De volgende stop zal een tentoonstelling in TOP in Delft zijn, van 8 juli t/m 9 september.
Na al deze roem en eer doen de twee initiatiefnemers van het atelier nu verwoede pogingen om een volgende stap te zetten. Immanuel Sirron Kakpor en Roos Marijn Limburg willen de resultaten van het atelier tentoonstellen in Ghana en bundelen in een publicatie.
Eerst zaaien, dan oogsten
Kortom, ‘Working On Cities’ heeft van alle kanten veel waardering geoogst. Maar waarom was die oogst zo rijk? Ondanks dat elk succesverhaal vele vaders en moeders kent, springen twee ingrediënten er toch bovenuit.
Het eerste is de enorme betrokkenheid van de deelnemende studenten. Misschien ook wel logisch bij een project dat geïnitieerd is door studenten zelf. De rijke oogst van het atelier is feitelijk ook een oproep aan studenten om dit soort initiatieven vaker te ontplooien.
Maar die betrokkenheid heeft ook een diepere achtergrond. Het is een teken van groeiend maatschappelijk engagement onder de jonge generatie architecten en stedenbouwkundigen. Dit atelier stelde zicht ten doel inzicht te verwerven in de culturele en sociale structuren van informele nederzettingen. En van daaruit een bijdrage te leveren aan het verbeteren van de leefomstandigheden van the urban poor. Dergelijke opgaven worden meer en meer met veel enthousiasme en betrokkenheid opgepakt. Ole Boumans’ ‘Architectuur als Noodzaak’ zal een vruchtbare bodem vinden.
Het tweede ingrediënt ligt in het directe verlengde van dat maatschappelijk engagement. Maar plaatst er ook een bescheiden kanttekening bij. Immers, als de resultaten van en de waardering voor het ‘Working On Cities’ iets duidelijk maken, dan is het wel dat het maatschappelijk engagement van architecten en stedenbouwkundigen focus door grensoverschrijdende samenwerking behoeft.
In dat licht is de rol van de studenten van het IHS in dit project niet te onderschatten. Juist mede dankzij deze studenten werd een beloftevolle benadering ontwikkeld van waaruit daadwerkelijk een bijdrage geleverd kan worden aan realistische oplossingen voor de grote lokale problemen. Zij waren het immers die de mogelijkheidszin van de ontwerpers intiem wist te verbinden met een op economische, sociale, culturele en politieke kennis gestoelde werkelijkheidszin. Of, zoals één van de deelnemende Academiestudenten het puntig verwoordde: “Zij hielden ons met beide benen op de grond”.
Chris van Langen

 - Roos Marijn Limburg, Ab Oosterwaal en Edwin Tukker_1.jpg)








