Afstudeerpresentatie Anne Ketelaar
vrijdag 1 mei, 13u30
Vrijdag 1 mei vindt de afstudeerpresentatie plaats van Anne Ketelaar (Architectuur), getiteld “HerWonen, van leeg naar levendig”.
Commissie:
Voorzitter : Hinke Majoor (RAVB)
Mentor : Gert Jan te Velde (Te Velde Architectenbureau voor Stedelijke Vernieuwing)
Externe criticus : Andrea Prins (Andrea Prins publications)
Toegevoegde criticus : Janne van Berlo (Atelier van Berlo)
Afstudeerdatum en locatie:
Vrijdag 1 mei om 13u30
Locatie: Keilepand, 1ste verdieping, (Keilestraat 7-9, ingang aan zijde Voedseltuin, 3029 BP Rotterdam)
Het afstudeerproject “HerWonen: van leeg naar levendig” onderzoekt hoe leegstaande gebouwen kunnen bijdragen aan de oplossing van de woningcrisis door ze te transformeren tot betaalbare, collectieve woonvormen. Aanleiding is de constatering dat de huidige focus op nieuwbouw tekortschiet: de woningcrisis wordt niet alleen veroorzaakt door een tekort aan woningen, maar ook door een mismatch tussen vraag en aanbod, veranderende huishoudenssamenstellingen en verouderde woonvormen.
Tegelijkertijd staat er in Nederland een enorme hoeveelheid vastgoed leeg. In Rotterdam alleen al betreft dit 1,8 miljoen vierkante meter. Toch stagneert herbestemming vaak, niet vanwege gebrek aan ruimte, maar door een beperkte visie op wonen. Het project richt zich daarom op het herwaarderen van bestaande gebouwen, met als casus een leegstaand klooster in de wijk Vreewijk.
De centrale onderzoeksvraag luidt: “Hoe kan de herontwikkeling van dit klooster dienen als voorbeeld voor betaalbare en collectieve woonvormen?” Hierbij staat het concept “samenbouw” centraal, waarin bewoners niet alleen gebruikers, maar ook mede-opdrachtgevers zijn. Dit model vergroot de zeggenschap, stimuleert duurzame keuzes en verlaagt kosten doordat commerciële marges en risico-opslagen worden beperkt.
De rol van de architect verschuift in dit proces van enkel vormgever naar regisseur. Geïnspireerd door de theorie van John Habraken wordt gewerkt met een onderscheid tussen ‘drager’ (de collectieve structuur) en ‘inbouw’ (de individuele invulling). De architect ontwerpt de ruimtelijke en technische kaders, terwijl bewoners invloed hebben op hun eigen woonomgeving. Zo ontstaat een balans tussen collectieve samenhang en individuele vrijheid.
Collectief wonen vormt een belangrijk antwoord op hedendaagse woonvraagstukken. Door voorzieningen te delen — zoals logeerkamers, wasruimtes, tuinen en werkplekken — kunnen bewoners met minder privéruimte toch een hogere woonkwaliteit bereiken. Bovendien bevordert dit sociale cohesie, vermindert het eenzaamheid en versterkt het de betrokkenheid bij de buurt. Voorbeelden uit de praktijk tonen aan dat dergelijke woonvormen ook een positieve impact hebben op de wijk, bijvoorbeeld door het organiseren van sociale activiteiten en het delen van voorzieningen.
Het ontwerp voor het klooster in Vreewijk laat zien hoe bestaande structuren behouden en versterkt kunnen worden. Door strategische ingrepen — zoals het herindelen van plattegronden, toevoegen van collectieve ruimtes en verbeteren van ontsluiting — ontstaat een divers aanbod van woningtypes, gericht op verschillende doelgroepen. Tegelijkertijd wordt ingezet op duurzaamheid door hergebruik van materialen en het minimaliseren van grote interventies.
Ook stedenbouwkundig wordt het complex opnieuw verbonden met de wijk, onder andere door nieuwe routes en functies toe te voegen. De nabijheid van toekomstige infrastructuurontwikkelingen, zoals een nieuw OV-knooppunt, versterkt de potentie van de locatie.
HerWonen pleit daarmee voor een bredere benadering van de woningopgave: niet alleen bouwen, maar het creëren van woonplekken die sociaal, duurzaam en inclusief zijn. Door leegstand te transformeren en bewoners actief te betrekken, ontstaat een alternatief woonmodel dat beter aansluit op de behoeften van deze tijd. Het project is daarmee niet alleen een ontwerpvoorstel, maar ook een oproep tot een andere manier van denken over wonen en stedelijke ontwikkeling.